Burgerschap

Vanaf schooljaar 2026-2027 verandert de manier waarop Burgerschap in het mbo wordt beoordeeld. Met de nieuwe richtlijnen wordt de beoordeling duidelijker, transparanter en beter onderbouwd. Zo krijgt Burgerschap een nog stevigere plek binnen het onderwijs.

Studenten laten hun ontwikkeling voortaan zien via een portfolio én een instellingsexamen. In het portfolio verzamelen zij gedurende hun opleiding bewijs van hun groei, bijvoorbeeld met opdrachten, reflecties en praktijkvoorbeelden. Het instellingsexamen vormt de afsluitende beoordeling.

De examinering richt zich op vier landelijke thema’s:

  1. Vrijheid en gelijkwaardigheid
  2. Individu en groep
  3. Maatschappij en maatschappelijke vraagstukken
  4. Macht en besluitvorming.

Daarbij wordt gekeken naar kennis, vaardigheden én houding.

Om de kwaliteit van de beoordeling te waarborgen, werkt de examencommissie met duidelijke beoordelingscriteria en gekwalificeerde examinatoren. Ook ziet de commissie erop toe dat examens voldoen aan de landelijke eisen en dat beoordelingen eerlijk, betrouwbaar en navolgbaar zijn.

Met deze vernieuwing wordt Burgerschap nog beter verankerd in het mbo en staat de ontwikkeling van studenten tot actieve en betrokken deelnemers aan de samenleving centraal.